Monday, May 7, 2007

Burgemeesters in oorlogstijd

Zo luidt de titel van het boek van Peter Romijn dat ik op dit moment lees. Iedereen kent waarschijnlijk wel de uitdrukking "burgemeester in oorlogstijd" (dus zonder s):
ergens blijven zitten om erger te voorkomen.
Dat is precies wat vele burgemeesters in bezet Nederland van 1940 t/m 1945 (de periode periode waarin het boek speelt) deden: in functie blijven. Door aan te blijven kon wellicht nog invloed ten goede uitgeoefend worden.

Appeasement-politiek

In het begin toonde de Duitse bezetter zich nog van zijn "goede kant": het wilde de Nederlandse bevolking te vriend houden en geleidelijk tot het nationaal-socialisme bekeren. Toen de tegenslagen zich voor de nazi's ophoopten en er ook nog massaal stakingen uitbraken in april 1943 was het gebeurd met de appeasement-politiek.

Jodenvervolging

Sowieso gingen de bezetters al vrij snel over tot de jodenvervolging en daarbij konden ze de hulp van de ambtenaren goed gebruiken; zowel wat betreft die van bevolkingsadministratie als politieagenten om het smerige werk te doen.
Al met al kwamen de burgemeesters onder steeds grotere druk te staan om met de nazi's mee te werken, wat ook gebeurde. Vanuit Den Haag was er weinig steun: de "baas" van de burgemeesters in Nederland (secretaris-generaal Frederiks) was altijd aan het schipperen met concessies aan de nazi's zonder ooit eens met de vuist op tafel te slaan.

Principes

De vraag die open blijft is dan ook: moet je aanblijven of meewerken om erger te voorkomen ? Mijns inziens blijft het antwoord in nevelen gehuld.
Veel nietwillende ambtenaren werden ontslagen (met verlies van pensioen en salaris) en onwillige burgemeesters werden vervangen door NSB-ers Het is ook niet makkelijk om principieel te zijn als er ontslag dreigt.
Hoe ver zou jij gaan in zo'n situatie ?

1 comment:

Marina Noordegraaf .... said...

ik zou het niet durven zeggen. een gewaarschuwd mens telt weliswaar voor twee, maar of dat genoeg is in oorlogstijd? ik hoop het wel!